Zulke richtsnoeren zijn niet per se krachteloos. Want niet alleen mensenrechtenactivisten en juristen maken zich zorgen over killer robots en AI-systemen zoals Lavender. Ook veel militairen die met AI werken, snakken naar maatstaven voor rechtmatig gebruik. Ze willen niet het risico lopen dat ze ooit ter verantwoording worden geroepen vanwege dodelijke missers van een AI-systeem dat voor zijn gebruikers een black box is – onnavolgbaar in zijn beslissingen.
Datzelfde geldt voor de ontwikkelaars van AI-modellen. “Stel je voor dat een drone een schoolbus vernietigt, en de enige verklaring die we voor die fout kunnen geven, is dat een AI-systeem hem daarheen heeft gestuurd”, zo verwoordt de New York Times hun nachtmerrie. Juist in de VS, waar de civiele rechtszaken over door chatbots veroorzaakte schade zich opstapelen, zou het verzet tegen ongebreidelde AI-oorlogsvoering wel eens kunnen groeien.
Daarmee zijn de dilemma’s nog niet de wereld uit. Wat te doen met een tegenstander zoals Rusland, die lak heeft aan recht en ethiek? Bij Helsing, een Duitse dronefabrikant die zich expliciet ten doel stelt om de democratie te verdedigen, zijn ze daarover duidelijk: “Democratieën moeten niet streven naar volledig autonome wapensystemen. Er moet altijd een mens bij betrokken blijven. Dat betekent soms dat de besluitvorming enigszins wordt vertraagd. Dat moet je compenseren met superieure technologie. Misschien een hogere hit rate, misschien snellere algoritmen.”
Superieure technologie blijft alleen superieur als je sneller innoveert dan je tegenstander. Dus toch een AI-race…
Kies de juiste race
Zijn de critici van de AI-race nu af? Nee. Zonder spelregels, zonder vertraging en bezinning, dreigt AI veel kapot te maken. “AI-gebruik verhindert aantoonbaar het leren van studenten en tast het vermogen tot kritisch denken aan”, zo waarschuwen 1700 academici. Dat ligt niet anders voor scholieren, of voor volwassenen.
AI-chatbots praten ons naar de mond en geven zelden tegengas. Daardoor worden we asocialer, zo blijkt uit onderzoek.