Ons wordt het idee verkocht dat het huidige systeem ons de ruimte geeft om eigen keuzes te maken. Maar zijn dat de keuzes die ertoe doen…? Heb je echt vijftig verschillende soorten shampoo nodig? Dat is niet mijn idee van keuzevrijheid. Er zijn bijvoorbeeld maar weinig mensen die echt kunnen kiezen tegen welke baan ze ja of nee zeggen. Want als je niet werkt, kun je geen eten kopen. Dus je moet wel meedoen in het systeem.”
Wat voor reacties krijg je, als je hier met mensen ‘aan de andere kant’ over praat?
“Sommige mensen zijn echt van top tot teen vervlochten met het dominante verhaal. Ze geloven oprecht: we can innovate ourselves out of anything. Systeemdenken is niet sterk ontwikkeld in de mensheid, het wordt ook niet onderwezen op scholen. Ik krijg veel minder tegengas van jongere mensen dan van ouderen. Hoe ouder je bent, hoe lastiger het is om dat oude systeem op te geven, zo lijkt het.
Bovendien: mensen worden niet overtuigd door data, maar door verhalen. En als jouw verhaal te sterk ingaat tegen hoe zij zichzelf zien, dan gaan ze daar gewoon niet aan meedoen. Steekhoudende argumenten hoor ik niet vaak, het is meer een kwestie van afsluiten en ‘gevoel’. Ze willen het niet horen. En dat begrijp ik ook wel.”
Feiten zijn ook niet meer zo waardevol als ze voorheen waren. Zeker in Amerika niet.
“Precies, dat is ook heel erg kenmerkend. Hannah Arendt wordt nu veel vaker gelezen vanwege wat ze schreef over totalitarisme. Ook de banality of evil zien we natuurlijk heel sterk in Trump. Een goede quote van Arendt vind ik: ‘They are passive, they are rendered moot in a space where at the same time everything is possible and nothing is true.’ Dat past zo erg bij wat we nu zien gebeuren.”
Hoe kijk jij dan naar mensen die zeggen ‘na mij de zondvloed’?
“Ik vind het in eerste instantie heel elitair. Misschien kun jij aan de ineenstorting ontsnappen hoor, maar ik betwijfel het. We zouden als mensen een betere houding moeten hebben. Het enige dat rijke mensen ooit hebben kunnen kopen, kijkend naar de geschiedenis, is dat ze als laatste ten onder gingen in een worst case scenario. Ik krijg regelmatig de vraag, wat geeft je hoop? Mijn antwoord is dan: ik heb geen hoop. Dat wil niet zeggen dat ik wanhopig ben. Maar ik doe dit niet omdat ik denk dat het een hoge kans op succes heeft. Ik doe het omdat het het juiste is om te doen.”
Krijg je in Europa andere vragen of reacties op je verhaal dan in Amerika?
“Niet echt. Je hebt in Europa ook heel sterk dat oude denken nog. Kapitalisme komt natuurlijk daarvandaan. Het werd in Amerika geturbocharged, maar het kolonialisme zit hier nog steeds ingebakken. Als je kijkt naar globalisering, uiteindelijk is dat gewoon neokolonialisme. Alleen al wat betreft alle natuurlijke hulpbronnen die we voor onze groei hebben gestolen en nog steeds stelen van het mondiale Zuiden.”
Je zei in Luzern ook dat Europa nee moet kunnen zeggen tegen de VS. Hoe bedoelde je dat? Hebben we het dan over big data, het feit dat Amerika bij onze gegevens kan?
“Ik had het in principe over bevoorradingssystemen, en dan denk je eerst aan energie en voedsel, maar technologie hoort daar inderdaad ook bij. In een nieuwe economie gebruiken we nog steeds technologie, maar dan op een manier die onze ecologische voetafdruk vermindert in plaats van vergroot.
Soms denken mensen dat ik wil dat we terugkeren naar het wonen in grotten of werken als turfsteker, maar zo ver hoeft het echt niet te komen. Wel denk ik dat onze afhankelijkheid van Amerikaanse technologie absoluut een probleem is. Ik ben er volledig voor om Europa ook op dat vlak onafhankelijker te maken.”
Er is zoveel te doen… Maakt dat de boodschap moeilijker over te brengen?
“Dat zei ik ook op het European Economic Forum. I know this sounds like a lot of effort. And it is. But the effort is guaranteed. Dealen met de gevolgen van fascisme en een totale ineenstorting van ons ecosysteem kost ook moeite, wellicht nog veel meer.”
Je werkt bij Schneider Electric, dat claimt het duurzaamste bedrijf ter wereld te zijn. Kun je onafhankelijk daarvan spreken?
“Ik ben er toevallig net vertrokken. Dat komt omdat ik me volledig wilde richten op bioregionalisme en het werken aan de wellbeing economy. Ik zit één dag per week bij een non-profit als researcher, ga op Harvard college geven over Economic systems change for post-growth flourishing, zit in besturen van relevante stichtingen en geef les. Onder andere, digitaal, bij De Groene Afslag; een school in Bussum waar ze echt voor systeemverandering gaan. Op die manier kan ik meer bijdragen aan collapse resilience, denk ik. En dat is wat deze tijd van mij vraagt.”
Waarom gebruik je de term wellbeing economy?
“Of je het nou wellbeing economy noemt, of donut economy, post-growth economy, regenerative economy; het komt allemaal neer op we need to let go of growth as the ultimate goal; it needs to serve life. Het pad daarnaartoe is dat van collapse resilience. Daarbij is degrowth onvermijdelijk. Zonder het een kom je moeilijk tot het ander.
Mensen denken: hallo, heb je wel eens een recessie meegemaakt? Maar een recessie is een situatie waarin we in een growthist system zitten, terwijl er helemaal geen groei is. Ja, dát pakt slecht uit, omdat we alles afhankelijk hebben gemaakt van groei.
Ik vind verslavingstheorie een interessant concept in deze context. Drugsverslaafden willen heel graag stoppen, maar gaan tóch vaak terug naar gebruiken. Een detoxprogramma werkt alleen als je ze een duidelijk beeld geeft van hoeveel beter hun leven eruit gaat zien als ze stoppen met die drugs. Zonder destination framework houd je het niet vol. Bedrijven maken nog steeds winst in deze nieuwe economie, maar dan is het geen profit maximalisation meer, zoals nu.