Nergens in Europa is het aandeel flexwerkers de afgelopen jaren zo hard gestegen als in Nederland: drie miljoen werknemers werken tegenwoordig als flexwerkers, oftewel 30 procent van alle werkenden in Nederland. Een ontwikkeling waardoor een groeiend deel van de bevolking niet op financiële of baanzekerheid kan rekenen. In Uitgebuit onthullen journalisten van onderzoeksplatform Investico een aantal grove misstanden aan de onderkant van de Nederlandse arbeidsmarkt.
Als ik in de stad mensen zie lopen met in beide handen enorme tassen van de Primark, bekruipt mij een machteloze kwaadheid. In plaats van ze toe te schreeuwen: ‘doe dat nou níet’, loop ik gegeneerd verder. Ik voel me een anachronistische activist, die niet begrijpt dat er mensen zijn die iedere week iets nieuws willen kopen en dragen, als uitdrukking van onze vrijheid - bijna als mensenrecht. Zelfonderzoek leert dat ik nog gevormd ben door de gedachte dat kleding een gebruiksartikel is en geen verbruiksartikel.
Premier Rutte was overduidelijk trots toen hij in september tijdens de VN-klimaatweek in New York vertelde dat Nederland maar liefst 600 miljoen euro uitgeeft aan het tegengaan van klimaatverandering. Deze blijde boodschap ging gepaard met een dringende oproep aan andere landen om zich net zo voorbeeldig te gedragen als Nederland, dat als ‘kleine speler’ in zijn eentje geen verschil kan maken. Voor het gemak liet Rutte maar achterwege dat zijn regering meer dan het dubbele, namelijk 1,5 miljard, uitgeeft aan het ondersteunen van bedrijven die wereldwijd geld verdienen in de fossiele industrie.
De verleidelijke modewereld kent een paar onprettige bijkomstigheden. Zo is de textielindustrie een van de grootste vervuilers ter wereld. Enorme hoeveelheden goedkope kleren worden tegen hoge milieu- en ethische kosten geproduceerd. En dat met een snelheid die in nog geen vijftien jaar is verdubbeld. Het productiemodel, dat uitgaat van ’nemen, maken, weggooien’ is rijp voor een transformatie. Zijn we in 2049 klaar voor een circulaire textieleconomie?
Als bedrijven blijven investeren in het ontginnen van olievelden, kolencentrales of ontbossing, weten we zeker dat we de klimaatdoelen bij lange na niet gaan halen. Europese regels om duurzame investeringen af te dwingen, zijn dan ook hard nodig. Deze regels moeten niet alleen alle investeringen langs een duurzaamheidsmeetlat leggen, maar ook in kaart brengen met welke investeringen we direct moeten stoppen. Helaas staan gevestigde belangen echte maatregelen tot nu toe in de weg.
Wittere wolken, spiegels in de ruimte, kunstmatig aangelegde bossen, fabrieken die CO2 uit de lucht trekken. Technieken om het klimaat te manipuleren en daarmee klimaatschade te beperken, winnen aan populariteit maar roepen tal van politieke vragen op. Want wie bepaalt of, hoe en waar de mens mag sleutelen aan het klimaat? En wie is verantwoordelijk voor de gevolgen?
Slimme technologie kan de veiligheid van burgers vergroten, maar ook ondermijnen. Veiligheid omvat namelijk niet alleen de bescherming van lijf en goed, maar ook sociale, politieke en digitale veiligheid. Die vormen van veiligheid komen in het geding als overheden en bedrijven tal van gegevens over ons verzamelen in de openbare ruimte, of bij het gebruik van big data en algoritmen voor misdaadbestrijding diep doordringen in de persoonlijke levenssfeer van onverdachte burgers.
De Franse filosoof Pierre Rosanvallon is een van de belangrijkste hedendaagse denkers over democratie. In zijn dit jaar verschenen boek De democratie denken beschrijft hij de democratie als een permanente reorganisatie van het sociale leven, een ‘werk in uitvoering’ dat nooit af kan zijn.
De Amerikaanse Shoshana Zuboff, emeritus hoogleraar aan Harvard University, waarschuwt in haar boek 'The Age of Surveillance Capitalism' dat we in een nieuwe fase van het kapitalisme zijn beland. Een fase waarin Big Tech en steeds meer andere spelers op de markt winst maken met data die zonder toestemming van de burgers zijn verkregen en die dienen om toekomstig gedrag te voorspellen – met zeer kwalijke gevolgen voor de economie, de democratie en individuele burgers.
Waartoe is onze economie op aarde? Op deze fundamentele vraag probeert Govert Buijs, bijzonder hoogleraar Politieke Filosofie en Levensbeschouwing aan de Vrije Universiteit, een antwoord te vinden.